Toegevoegde intelligentie

No comments »
AUTHOR:
CTO Dell EMC Nederland

De afgelopen jaren is het begrip kunstmatige intelligentie wederom (!) actueel geworden. Een derde déjà vu in mijn carrière. Met golven zien we dit begrip in de ‘mode’ komen. Het blijft nog steeds moeilijk om te definiëren wat intelligentie precies is, laat staan wat kunstmatige intelligentie is. Dingen die aanvankelijk als zeer intelligent werden beschouwd, zoals een computer die kan schaken, blijken achteraf toch niet zo intelligent te zijn. Soms wordt wel eens gezegd dat kunstmatige intelligentie datgene is wat we een computer nóg niet kunnen laten doen.

In een blog van vorig jaar over Kunstmatige Intelligentie schreef ik over de snelle ontwikkeling die we op dit gebied meemaken omdat zowel processorsnelheden als te verwerken datahoeveelheden enorm gestegen zijn. En we hebben intussen rekensnelheden die we nog nooit eerder ter beschikking hadden gehad. We komen steeds meer in de buurt van de zogenaamde Turing-test die stelt dat als een computer iemand voor de gek kan houden en laten geloven dat hij een mens is, de computer vormen van intelligentie heeft.

Chatbots
Iedereen kent de chatbots wel, die je als bezoeker van een site ondersteunen bij je zoektocht naar artikelen of antwoorden. Op bestelling ontwikkelen bedrijven chatbots voor de meest brede toepassingen. In eerste instantie lijkt het vaak een menselijke respons die je krijgt. De vraag is dan: is dat kunstmatige intelligentie? In eerdere artikelen heb ik me wel eens laten ontvallen dat ik al dit soort systemen vooralsnog ‘erg kunstmatig en weinig intelligent’ vind. Het is gebaseerd op algoritmen en spraakprogramma’s die mensen hebben ontwikkeld en op een slimme manier in een programma hebben geplaatst. Knap, maar nog niet echt intelligent.

Twee actuele thema’s die onder noemer van kunstmatige intelligentie momenteel veel aandacht krijgen, zijn machine learning en deep learning. Machine learning is vergelijkbaar met wat de bots doen: op basis van algoritmen en een kennisdatabase leert de machine zijn omgeving, zijn instructies, zijn gedrag en zijn limieten. Het helderste voorbeeld vind ik nog altijd de slimme grasmaaier die na verloop van tijd de grenzen van de grasmat kent, leert waar het gras harder en minder hard groeit, waar zijn laadstation staat en hoe snel hij dat kan bereiken. Dit soort ‘intelligentie’ zal ons de komende jaren in snel tempo verder omringen. Van lerende apps, lerende chatbots, lerende apparaten tot lerende informatiesystemen: leren door te doen.

Intelligentie kun je niet leren
In een oud artikelover de Cito toets stelt de auteur helder: ‘Intelligentie kun je niet leren’. Intelligentie is een vaag begrip dat we graag weergeven in een getal verkregen door middel van een IQ-test of Cito-toets. Kun je je voorbereiden op een Cito toets en je intelligentie wat bijspijkeren? Intelligentie wordt voor een belangrijk deel bepaald door de samenstelling van iemands genoom. Met de aanleg die je van je ouders erft, moet je het de rest van je leven doen. Door genetica zijn sommige mensen nu eenmaal intelligenter dan andere mensen.

Natuurlijk zijn de omgevingsfactoren waarin een kind opgroeit enorm belangrijk om die aangeboren intelligentie te ontwikkelen. Het blijkt dat opvoeding, scholing, cultuur, rijkdom van ouders en toegang tot een goede gezondheidszorg voor een belangrijk deel bepalen hoe iemand scoort in een IQ-test. In Westerse landen is in de afgelopen 100 jaar het gemiddelde IQ met 15 punten gestegen. In die tijd zijn zowel onze leefomstandigheden als het onderwijs enorm verbeterd. Wel zijn er intussen tekenen dat die IQ-groei aan het afvlakken is.

Toegevoegde intelligentie
Laatst kwam ik het begrip ‘augmented intelligence’tegen en dat begrip sprak me zeer aan: toegevoegde intelligentie aan de intelligentie die we al hebben. Een gereedschap om ons –samen met onze eigen intelligentie –nieuwe capabiliteiten te geven. Net zoals de microscoop ons oog ondersteunt om zaken te zien die zo klein zijn dat we dat met ons normale oog nooit kunnen zien. Of de telescoop die datzelfde doet voor verre afstanden. Een hulpmiddel dat onze eigen begrensde menselijke mogelijkheden vergroot.

Toegevoegde intelligentie valt onder de algemene noemer van kunstmatige intelligentie, maar het heeft veel meer een ondersteunende rol dan het vervangen van de mens in een proces. Augmented betekent verbeteren, verhogen, toevoegen en staat in relatie met het vergroten van onze menselijke capaciteiten. Ik denk dat vooral deze vorm van kunstmatige intelligentie de komende decennia perfect mogelijk wordt. Een gereedschap dat de mens helpt in plaats van vervangt. Natuurlijk worden simpele ‘denk’-taken makkelijk overgenomen door machines, maar dat is niet nieuw. Machines en robots nemen al eeuwen taken van ons over die te lastig, te zwaar, te vervelend of fysiek onmogelijk zijn voor de mens.

Onrealistische angst
In de media wordt te vaak een onrealistische angst geschetst als men spreekt over robots en kunstmatige intelligentie. Science fiction presenteert ons fantastische maar ook angstige toekomstbeelden waar techniek het van de mens overneemt. Ik denk echter dat die ‘fiction’ een stuk verder ligt dan de komende decennia. Onze werkplekken worden voorzien van toegevoegde intelligentie met brillen en andere slimme devices. Met het Internet of Things zijn signalen uit de omringende fysieke wereld snel beschikbaar om ons, samen met de inzichten die we uit big data analyse halen, sneller en betere beslissingen te laten nemen.

De mens-machine interface kan intelligenter worden ingericht met al die extra hulpmiddelen en we zullen natuurlijk moeten leren hoe we die extra techniek goed kunnen gebruiken en inzetten. Er zullen bestaande banen verdwijnen en nieuwe banen ontstaan. Niets nieuws onder de zon eigenlijk. Sinds de industriële revolutie komt die versnelling in golven over ons heen en elke keer zijn er doemdenkers en angstdenkers die toekomstbeelden schetsen die achteraf onrealistisch zijn. Het is een menselijk trekje om daarin te geloven, zie mijn blogs over Nostradamus en over profeten en doemdenkers.

Pessimisten worden eerder geloofd dan optimisten, want als de voorspelling niet uitkomt, valt het achteraf toch nog mee. Anderzijds worden pessimisten volgens een onderzoek wel ouder dan optimisten omdat ze voorzichtiger leven. Maar volgens anderen lijkt het alleen maar langer. En volgens sommigen is een optimist een slecht geïnformeerde pessimist omdat optimisten aanleg hebben om al het potentiële negatieve nieuws en informatie te kunnen negeren. Dit is de kern van het denken van een ondernemer. Dus wat is beter: een optimist, een pessimist of een realist?

Techniek dient de mens
Voor het eerst in tien jaar is het aantal optimisten in Nederland weer groter dan het aantal pessimisten. We staan op plek zes op de ranglijst van gelukkigste landen ter wereld. Dus met de aanwezigheid van onrealistische angsten valt het voorlopig nog best mee. Zeker als we de nieuwe technische ontwikkelingen als toevoeging zien op ons menselijk bestaan en niet als vervanging. Besef: de techniek dient de mens en dat mag nooit andersom worden.

Dat laatste moeten we absoluut voorkomen: in een nieuwe wereld van lerende kennissystemen moet helderheid zijn wie welke algoritmes waarom en op welke wijze heeft samengevoegd tot een lerend systeem. Slechts dan blijft techniek helder en blijft het de mens dienen, in plaats van ongemerkt data, informatie en uitkomsten te manipuleren waar we geen zicht meer op hebben.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.